Zoeken

Wat als de liften uitvallen tijdens een noodsituatie? 

Zorg dat je weet wat je dan moet doen. Zeker als er mensen zijn die niet zelf de trap af kunnen. 

Bij een noodsituatie telt elke seconde. En als de liften niet meer werken, kan dat de situatie flink ingewikkeld maken. Denk aan brand, stroomuitval of een ander incident waarbij mensen het pand zo snel mogelijk moeten verlaten. Zonder werkende lift moeten alle personen naar beneden via de trap. Maar wat als iemand dat niet zelfstandig kan? 

In dit artikel zetten we de belangrijkste maatregelen op een rij. Van het in kaart brengen van hulpbehoevenden tot het oefenen met Sleepmatrassen en/of Evacchairs,en communicatie met hulpdiensten. 

Liften en evacuatie: geen vanzelfsprekende combinatie 

In de meeste gebouwen worden liften tijdens een incident automatisch uitgeschakeld en naar de begane grond gestuurd. Dat is niet voor niets: bij brand kan een lift onveilig worden door rookontwikkeling, kortsluiting of storingen in de besturing. Daarom mag je er nooit vanuit gaan dat een lift beschikbaar is tijdens een ontruiming. 

Maar wat betekent dat voor mensen die een rolstoel gebruiken? Of voor iemand met een gebroken been? Of een dame die zwanger is? Als er geen plan klaarligt voor deze groep, kunnen ze vast komen te zitten. Daarom is het belangrijk om dit vooraf goed te regelen. 

Weet wie er hulp nodig heeft 

De eerste stap: breng in kaart wie er mogelijk hulp nodig heeft bij een evacuatie zonder lift. Niet iedereen zal uit zichzelf aangeven dat traplopen lastig is. Een open, veilige manier van registreren helpt daarbij. Werk bijvoorbeeld met een vertrouwelijke lijst die beheerd wordt door de Coördinator BHV,  Ploegleider BHV of BHV’er. 

Let op: de samenstelling van een team of gebouw verandert continu. Zorg dus voor regelmatige updates van deze gegevens. 

Zorg voor alternatieve vluchtroutes 

Bij veel gebouwen zijn er meerdere vluchtroutes. Maar welke zijn écht geschikt als je met een Evacchair of sleepmatras moet werken? 

Loop de routes regelmatig na en let op: 

  • Hoeveel trappen er zijn 
  • Of er genoeg ruimte is om te manoeuvreren 
  • Of de route leidt naar een plek waar hulpdiensten makkelijk kunnen komen 

Soms is het nodig om een specifieke route aan te wijzen voor het evacueren van hulpbehoevenden. Leg die route dan ook vast in je noodplan en zorg dat de BHV’ers weten hoe ze moeten handelen. 

Gebruik de juiste hulpmiddelen 

Als iemand niet zelfstandig naar beneden kan, heb je hulpmiddelen nodig. De twee bekendste zijn: 

  • Evacchair: een evacuatiestoel met rupsbanden, waarmee iemand gecontroleerd over trappen omlaag gebracht kan worden. 
  • Sleepmatras (evacuatiematras): een matras waarmee iemand liggend via trappen verplaatst kan worden. 

Deze middelen hebben een vaste plek in een gebouw, bij voorkeur dichtbij de liften of verzamelplekken. Minstens zo belangrijk: mensen moeten weten hoe ze ermee werken. 

Zorg dat BHV’ers of andere aangewezen personen hier training in krijgen. Ongetraind zo’n hulpmiddel gebruiken levert meer risico op dan het voorkomt. 

Video: Zo werkt een evacuatiematras: https://youtu.be/eTsIQCPShbg 
Video: Zo werkt een evacuatiedoek: https://youtu.be/7Y_4wD0inmA 

Oefenen, evalueren, verbeteren 

Een evacuatieplan werkt alleen als mensen weten wat ze moeten doen. Organiseer daarom minstens één keer per jaar een oefening waarin je ook het scenario van een liftstoring meeneemt. 

Laat medewerkers oefenen met: 

  • Het begeleiden van hulpbehoevenden 
  • Het gebruik van Evacchairs of sleepmatrassen 
  • De communicatie met de technische dienst en hulpdiensten 

Na afloop: evalueren. Wat ging goed? Wat kan beter? Pas waar nodig het plan of de procedures aan. 

Stem goed af met technische dienst en hulpdiensten 

Tijdens een echte calamiteit komt alles tegelijk. Een goede samenwerking tussen de interne technische dienst en externe hulpdiensten maakt dan echt verschil. 

Zorg dat zij weten: 

  • Hoe het gebouw is opgebouwd 
  • Waar de nooduitgangen en hulpmiddelen zich bevinden 
  • Wie er mogelijk hulp nodig heeft en waar zij zich kunnen bevinden 

Dit soort info kun je opnemen in het bedrijfsnoodplan of V&G-plan. Zo ligt het vast en weet iedereen wat hij moet doen als de spanning oploopt. 

Samengevat 

Een liftstoring tijdens een noodsituatie is een serieuze uitdaging die je vooraf moet tackelen. Door goed na te denken over wie er hulp nodig heeft, hoe je die mensen veilig naar buiten krijgt en wie daarbij wat moet doen, voorkom je paniek en ongelukken. 

Brandveiligheid parkeergarages: Kun jij een brandende EV veilig uit jouw gebouw krijgen?

Door Jeffrey Nachtegaal, Veiligheidskundige en coördinator BHV

Stel je voor: Een elektrische auto vat vlam in jouw parkeergarage. Rook vult razendsnel de ruimte, het brandalarm loeit, paniek bij gebruikers. Wat doe je? Kun jij die auto veilig (laten) verwijderen voordat de schade onherstelbaar is? Herken jij deze uitdaging in jouw organisatie?

⚡ Elektrisch rijden groeit… en de risico’s ook

Elektrisch rijden is in opmars. Logisch, gezien de duurzaamheid en het comfort. Maar wist je dat het aantal incidenten met elektrische voertuigen in parkeergarages óók toeneemt? De eigenschappen van lithium-ion batterijen maken brandbestrijding bijzonder complex: blussen is lastig, herontbranding blijft een risico, en giftige rook kan zich snel verspreiden.

👨‍🚒 Hulpdiensten staan soms met lege handen

Wat veel gebouwbeheerders niet beseffen: zelfs professionele hulpdiensten kunnen een brandende elektrische auto niet altijd veilig uit een parkeergarage krijgen. De bekende bluscontainer past meestal niet in de krappe ruimtes, en alternatieven zijn niet altijd voorhanden. Hierdoor is forse schade aan het gebouw – en mogelijk gevaar voor mensen – soms niet te voorkomen.

🤖 Innovatie is dringend nodig

Recent onderzoek van het NIPV (mei 2025) toont aan dat innovatieve bergingsrobots dé oplossing kunnen zijn, omdat ze voertuigen op afstand veilig kunnen bergen. Maar deze techniek is nog lang niet overal inzetbaar. Samenwerking, voorbereiding en duidelijke afspraken tussen beheerders, hulpdiensten en bergingsbedrijven zijn dus essentieel.

🧐 Wat betekent dit voor jouw organisatie?

  • Ben jij voorbereid op een EV-brand in jouw parkeergarage?
  • Zijn de juiste middelen en procedures aanwezig?
  • Heb je de samenwerking met lokale hulpdiensten en bergingsbedrijven goed geregeld?

❓ Herken jij deze vragen uit jouw praktijk? Veel organisaties realiseren zich pas bij een incident hoe groot de uitdaging is. Voorkom verrassingen. Laat je nu adviseren en zorg dat je wél voorbereid bent op een brand met een elektrisch voertuig in jouw gebouw.

📞 Actie nodig?

Wil je weten waar jouw organisatie staat en welke stappen je kunt zetten? Neem contact op met Brogaal Veiligheidsdiensten voor een praktische risico-inventarisatie en advies op maat.

Massaal incident? Zo houd jij het hoofd koel 

Een explosie. Instorting. Vergiftiging. Ineens zijn er meerdere slachtoffers. Paniek dreigt. En jij staat ertussen als BHV’er. Wat doe je? 

1. Zorg eerst voor je eigen veiligheid 

Je wil helpen. Natuurlijk. Maar check eerst of jij veilig bent. Denk aan instortingsgevaar, rook of glas. Pas als jij overeind blijft, kun je iets betekenen voor anderen. Geen heldengedrag. Gewoon slim handelen. 

Veiligheid eerst. Altijd. 

2. Maak een snelle inschatting 

Loop snel langs de slachtoffers. Wie ademt niet meer? Wie bloedt ernstig? En wie is aanspreekbaar, maar in paniek? Dit moment is cruciaal. Je doet een snelle triage: inschatten wie als eerste hulp nodig heeft. 

Dat vraagt lef. En overzicht. Jij bepaalt wie je eerst helpt – en dat is soms niet degene die het hardst roept. Bepaal wie: 

  • Niet ademt of bewusteloos is 
  • Ernstig bloedt of hulp nodig heeft 
  • In paniek is, maar stabiel 

Triage noemen we dat. Jij bepaalt wie als eerste hulp krijgt. 

3. Roep hulp in en verdeel de taken 

Bel 112 of laat iemand anders dat doen. Wijs collega’s aan: “Jij bij de voordeur, jij bij de uitgang, jij helpt hier.” Eén persoon per taak. Kort, duidelijk. Geen twijfel. Massaal incident = teamwork. En dat begint bij communicatie. 

Spreek af wie: 

  • Eerste hulp verleent 
  • De toegang vrijhoudt voor hulpdiensten 
  • Getuigen opvangt of geruststelt 

Iedereen krijgt één duidelijke taak. 

4. Begin met eerste hulp 

Reanimeren. Bloed stelpen. Stabiele zijligging. Je hoeft geen arts te zijn maar je moet, wél weten wat je moet doen. Gebruik je BHV-kennis en doe wat je kunt. 

Houd ondertussen contact: met elkaar, met slachtoffers, met de meldkamer. En als de hulpdiensten arriveren, geef je kort en helder door wat er speelt. 

Start bij wie het er het slechtst aan toe is. Denk aan: 

  • Reanimatie bij geen ademhaling 
  • Druk uitoefenen bij hevig bloedverlies 
  • Stabiele zijligging bij bewusteloosheid 

Doe wat je weet. Elk beetje helpt. 

5. Blijf communiceren 

Vertel wat je doet. Houd het team op de hoogte. En als de hulpdiensten arriveren: geef een korte, duidelijke briefing. Wat is er gebeurd? Wat heb je gedaan? Wie liggen waar? 

Oefen dit

Zo’n situatie wil je nooit meemaken. Maar áls het gebeurt, moet je klaar zijn. 
In zo’n situatie heb je geen tijd om te twijfelen. Door te oefenen met scenario’s waarin meerdere slachtoffers vallen, bouw je ervaring op. Je traint je hoofd én je handen. 

Want het verschil maak je in die eerste minuten. 

Effectief portofoongebruik bij ontruimingen: zo houd je de regie

Tijdens een calamiteit is duidelijke communicatie cruciaal. Portofoons zijn dan vaak het enige betrouwbare middel om snel en direct te communiceren. Maar alleen een portofoon hebben is niet genoeg. Het gaat erom hoe je hem gebruikt. In dit artikel lees je hoe je portofoons effectief inzet bij ontruimingen en noodsituaties. 

Waarom portofoons onmisbaar zijn 

Portofoons werken onafhankelijk van mobiele netwerken. Dat betekent: geen last van overbelaste masten of slechte dekking. Ze bieden directe communicatie via push-to-talk en zijn robuuster dan smartphones. Vooral in grote gebouwen of op uitgestrekte terreinen zijn ze onmisbaar voor BHV-teams.  

Etherdiscipline 

Tijdens een noodsituatie is het belangrijk om helder en gestructureerd te communiceren. Dit noemen we etherdiscipline.
De belangrijkste afspraken: 

  • Er kan maar één persoon tegelijk spreken. Je kunt dus pas een bericht inspreken op het moment dat het kanaal vrij is. 
  • Druk de spreeksleutel in en wacht 1 seconde voordat je je bericht communiceert. Als je klaar bent, laat je de spreeksleutel los. 
  • De ontvanger herhaalt het bericht. Zo weet de zender en de ontvanger dat het bericht is ontvangen en begrepen. 
  • Je eindigt je bericht altijd met “over”. 

Een portofoonprocedure slaagt als iedereen: 

  • Een grote innerlijke discipline heeft 
  • Alleen zendt als het strikt noodzakelijk is 
  • Luistert of het net vrij is voordat je spreekt 
  • De voorgeschreven uitdrukkingen en procedures gebruikt 
  • Elke uitzending zo kort mogelijk houdt en duidelijke berichten doorgeeft 
  • Niet sneller spreekt dan de ontvangende persoon kan verwerken. 

Veelgemaakte fouten bij portofoongebruik 

Zelfs met de beste apparatuur kunnen dingen misgaan. Enkele valkuilen: 

  • Overcommunicatie: Te veel praten kan verwarring veroorzaken. 
  • Niet wachten op een vrij kanaal: Hierdoor kunnen berichten elkaar overlappen. 
  • Onvoldoende oefenen: Onzekerheid over het gebruik leidt tot vertraging. 
  • Geen duidelijke rolverdeling: Wie is verantwoordelijk voor wat? 

Oefenen is essentieel 

Regelmatige training met portofoons is cruciaal. Organiseer oefeningen waarbij BHV’ers realistische scenario’s doorlopen. Dit helpt om vertrouwd te raken met het apparaat en de communicatieprotocollen. 

Calamiteitenmap BHV map voor BHV documenten

Calamiteitenmap

 24,95 ( 30,19 incl BTW)

Stevige A4 calamiteitenmap voor het overzichtelijk bewaren van BHV-documenten, ontruimingsplannen, plattegronden, contactgegevens, procedures en checklisten. Ideaal als praktische BHV map voor organisaties die hun veiligheidsinformatie centraal willen bundelen.

De map wordt geleverd met inhoudsopgave, tabbladen en een gratis checklist ontruimingsplan.

Brogaal staat voor je klaar 

Bij Brogaal begrijpen we het belang van effectieve communicatie tijdens noodsituaties. We bieden: 

  • Advies over het opstellen van communicatieprotocollen. 
  • Innovatieve producten, zoals onze zelfontworpen Tabletop sets en Safety Boards, die je veiligheidsbeleid versterken. 

Wil je meer weten? We denken graag met je mee.

De brandklassen: zo weet je hoe je moet blussen

Niet elke brand pak je op dezelfde manier aan. Het maakt uit wat er brandt. Daarom zijn er verschillende brandklassen. Elke klasse geeft aan om wat voor soort brand het gaat en hoe je die het beste blust.  

Brandklasse A – Vaste stoffen

Brandklasse A gaat over branden in vaste stoffen zoals hout, papier, textiel en karton. Je blust deze branden het liefst met water, (sproei)schuim, ABC-poeder of een blusdeken. Gebruik géén vetblusser of CO2 in een kleine ruimte, dat kan gevaarlijk zijn. 

Brandklasse B – Vloeistoffen 

Als brandbare vloeistoffen zoals benzine, olie of alcohol in de fik vliegen, heb je te maken met brandklasse B. Water is dan juist géén goed idee: dat verspreidt de brand. Gebruik liever (sproei)schuim, ABC-poeder, CO2 of een vetblusser. 

Brandklasse C – Gassen 

Gassen zoals aardgas, propaan en butaan vallen onder brandklasse C. Het belangrijkste hier: draai eerst de gastoevoer dicht, als dat veilig kan. Daarna kun je blussen met CO2 of ABC-poeder. Vermijd water en (sproei)schuim – die helpen niet en kunnen zelfs gevaarlijk zijn. 

Brandklasse D – Metaal 

Metaalbranden zijn zeldzaam, maar ontzettend heet en gevaarlijk. Denk aan branden met magnesium, aluminium of natrium. Alleen speciaal D-poeder (ook wel metaalbrandpoeder) werkt hier. Andere blusmiddelen, zoals water of schuim, maken het alleen maar erger. 

Brandklasse E – Elektrische installaties 

In Nederland is deze categorie komen te vervallen. Brandklasse E duidt een elektrische brandt aan, bijvoorbeeld naar aanleiding van een kortsluiting. Omdat in dit geval het elektrische apparaat brandt en niet de elektriciteit zelf gebruiken we deze klasse niet meer in Nederland. Een soortgelijke brand valt onder Brandklasse A of B. In dit geval moet eerst de elektriciteit uitgeschakeld worden. Deze branden zijn niet op te lossen met water of schuim.  

Brandklasse F – Oliën en vetten 

Een (frituur)pan met vlammen? Dan heb je een F-klasse brand te pakken. Gooi er nooit water op. Dat zorgt voor een steekvlam. Haal de pan van het vuur, trek de stekker eruit en gebruik een vetblusser of deksel om de vlammen te smoren. 

Weet jij wat je moet doen bij brand? 

Het kennen van de verschillende brandklassen is essentieel. Nog belangrijker is het beschikken over de juiste blusmiddelen. Bij Brogaal Veiligheidsdiensten vind je een uitgebreid assortiment aan brandblussers die geschikt zijn voor diverse brandklassen. Zo is er de 6kg CO₂-blusser, ideaal voor brandklasse B. 

Voor branden in vaste stoffen en vloeistoffen biedt de 6 liter sproeischuimblusser met ecoschuim een effectieve oplossing. En voor vetbranden in de keuken is de 6 liter ABF-schuimblusser een betrouwbare keuze. 

Naast blusmiddelen biedt Brogaal diverse veiligheidsdiensten aan, zoals het opstellen van BHV- en ontruimingsplannen, het uitvoeren van risico-inventarisaties en het inhuren van veiligheidsadviseurs. Met Brogaal haal je de expertise in huis om jouw omgeving veiliger te maken. 

 

Download hier nu jouw gratis overzicht van de brandklassen

Download brandklassen
First
Last

Waarom een actuele RI&E onmisbaar is voor je bedrijf

​Een veilige en gezonde werkplek is cruciaal voor het welzijn van je medewerkers en het succes van je bedrijf. Een actuele Risico-Inventarisatie & Evaluatie (RI&E) speelt hierin een sleutelrol. In dit artikel bespreken we wat een RI&E inhoudt, waarom het essentieel is om deze up-to-date te houden en hoe je dit effectief kunt aanpakken.​

Wat is een RI&E?

Een RI&E is een gestructureerde aanpak waarmee je alle arbeidsrisico’s binnen je organisatie in kaart brengt. Dit omvat zowel zichtbare gevaren, zoals snijgevaar bij machines, als minder voor de hand liggende risico’s, zoals werkdruk of langdurig zitten. Naast het identificeren van deze risico’s, stel je een plan van aanpak op om ze te beheersen of te elimineren. Dit plan beschrijft de te nemen maatregelen, wie hiervoor verantwoordelijk is en binnen welke termijn deze worden uitgevoerd. ​

Waarom is een actuele RI&E belangrijk?

  1. Wettelijke verplichting en naleving Volgens de Arbowet is elke werkgever verplicht een schriftelijke RI&E en een bijbehorend plan van aanpak te hebben. De Nederlandse Arbeidsinspectie controleert hierop en kan bij het ontbreken of onvolledig zijn ervan handhavend optreden, variërend van waarschuwingen tot boetes.
  2. Bescherming van medewerkers en bedrijf Een actuele RI&E helpt om zowel zichtbare als onzichtbare risico’s te identificeren en aan te pakken. Dit draagt bij aan het voorkomen van gezondheidsklachten en ongevallen, wat niet alleen het welzijn van medewerkers bevordert, maar ook financiële schade en juridische complicaties voor het bedrijf voorkomt.
  3. Veranderende werkomstandigheden Bedrijfsprocessen, technologieën en wetgeving zijn voortdurend in beweging. Een RI&E is geen eenmalige exercitie; het is essentieel om deze regelmatig te actualiseren, vooral bij veranderingen zoals een nieuwe productielijn, uitbreiding van diensten, of gewijzigde wet- en regelgeving.

Hoe houd je je RI&E actueel?

  • Regelmatige evaluatie: Plan periodieke beoordelingen van je RI&E, idealiter jaarlijks, om ervoor te zorgen dat alle informatie up-to-date is en aansluit bij de huidige situatie binnen je bedrijf.​
  • Aanpassen bij veranderingen: Werk de RI&E direct bij na significante wijzigingen in bedrijfsprocessen, werkmethoden of na incidenten op de werkvloer.​
  • Betrek medewerkers: Medewerkers hebben vaak waardevolle inzichten in de dagelijkse praktijk. Door hen actief te betrekken bij het actualiseren van de RI&E, vergroot je het draagvlak en de effectiviteit van de genomen maatregelen.​
  • Gebruik beschikbare hulpmiddelen: Er zijn diverse branche-specifieke RI&E-instrumenten en digitale tools beschikbaar die het opstellen en actualiseren van een RI&E vergemakkelijken. Deze zijn vaak te vinden via brancheorganisaties of platforms zoals het Steunpunt RI&E.​

Onderhouden van RI&E

Het onderhouden van een actuele RI&E is een wettelijke verplichting en een investering in de veiligheid en gezondheid van je medewerkers en de continuïteit van je bedrijf. Door proactief risico’s te identificeren en aan te pakken, creëer je een veilige werkomgeving waarin medewerkers optimaal kunnen presteren.​

In theorie is arbeidsveiligheid niets meer dan veilig werken volgens de opgestelde wet- en regelgeving en richtlijnen. Hierbij horen ook de afspraken die we voor aanvang van de werkzaamheden met elkaar gemaakt hebben. Voordat we deze afspraken kunnen maken moet er een risico-inventarisatie en -evaluatie worden gemaakt. In de praktijk zien we vaak dat situaties anders zijn dan vooraf ingeschat waren. De veiligheidsadviseur van Brogaal kan hierbij helpen.

Veelvoorkomende valkuilen bij het opstellen van een veiligheidsplan

Een goed veiligheidsplan is essentieel om risico’s binnen je organisatie te beheersen. Toch sluipen er vaak fouten in bij het opstellen ervan.

Hieronder bespreken we de meest voorkomende valkuilen en hoe je deze kunt vermijden.

1. Onduidelijk onderscheid tussen veiligheids- en beveiligingsplan

Een veelgemaakte fout is het verwarren van een veiligheidsplan met een beveiligingsplan. Een veiligheidsplan bestrijkt alle veiligheidsaspecten binnen een organisatie, terwijl een beveiligingsplan specifiek gericht is op beveiligingsmaatregelen. Het niet duidelijk onderscheiden van deze twee kan leiden tot onvolledige of overlappende procedures.

2. Te algemene of omvangrijke plannen

Soms worden plannen onnodig uitgebreid met algemene informatie of wettelijke bepalingen die algemeen bekend zijn. Dit maakt het plan minder overzichtelijk en kan belangrijke details verhullen. Focus op kerninformatie en wees bondig om de leesbaarheid en toepasbaarheid te vergroten. ​

3. Onvoldoende aandacht voor specifieke risico’s

Elk bedrijf heeft unieke risico’s. Het klakkeloos overnemen van een standaard sjabloon zonder deze aan te passen aan de specifieke situatie van jouw organisatie kan leiden tot een ineffectief plan. Analyseer de specifieke risico’s en pas het plan daarop aan.

4. Gebrek aan duidelijke doelstellingen

Zonder heldere doelen is het lastig om effectieve maatregelen te bepalen. Stel daarom specifieke, meetbare, acceptabele, realistische en tijdgebonden (SMART) doelen op voor je veiligheidsplan. ​

5. Niet betrekken van medewerkers

Een veiligheidsplan dat zonder input van medewerkers wordt opgesteld, mist vaak draagvlak en praktische toepasbaarheid. Betrek daarom relevante partijen bij het ontwikkelingsproces om ervoor te zorgen dat het plan aansluit bij de praktijk en breed wordt gedragen. ​

6. Onvoldoende aandacht voor implementatie en evaluatie

Een plan op papier heeft weinig waarde zonder effectieve implementatie en regelmatige evaluatie. Zorg voor een duidelijk stappenplan voor de invoering en plan periodieke evaluaties om de effectiviteit te toetsen en bij te sturen waar nodig. ​

Stel een effectief plan op

Het opstellen van een effectief veiligheidsplan vraagt om zorgvuldigheid en maatwerk. Door bovenstaande valkuilen te vermijden en te zorgen voor een duidelijke, specifieke en gedragen aanpak, leg je een stevige basis voor een veiligere werkomgeving.

Brogaal biedt een breed scala aan veiligheidsplannen die zijn ontworpen om aan de specifieke behoeften van jouw organisatie te voldoen. Onze plannen zijn gericht op het waarborgen van een veilige en gezonde werkomgeving. We zorgen ervoor dat ze volledig voldoen aan de nieuwste regelgeving en normen.

Hoeveel EHBO-koffers heb je nodig in jouw bedrijf?

Naar aanleiding van het uitvoeren van een aantal Risico Inventarisaties & Evaluaties die wij hebben uitgevoerd zijn er altijd veel vragen en is er veel onduidelijkheid over EHBO-koffers. Een aantal vragen die we altijd krijgen zijn: Hoeveel hebben we er nodig, waar moeten ze hangen, wie moet ze onderhouden, wie is er verantwoordelijk enz. Middels deze blog proberen we het e.e.a. op te sommen, zodat u beter weet wat u nodig heeft.

Is een EHBO-koffer wettelijk verplicht?

Ja, een werkgever is wettelijk verplicht om zorg te dragen voor het welzijn van de medewerkers. Eerste hulp bij ongelukken is hier onderdeel van. De werkgever is verplicht om voldoende bedrijfshulpverleners (BHV’ers) aan te stellen die een geldig EHBO-diploma hebben en die eerste hulp verlenen bij een ongeluk(je). Hiervoor is het verplicht om de BHV’ers toegang te geven tot de juiste producten. Dit betekent dat er voldoende EHBO-koffers aanwezig moeten zijn en dat deze binnen handbereik moeten liggen, als er iets is gebeurd.

Er zijn twee officiële EHBO-kits beschikbaar voor bedrijven, namelijk EHBO-koffer A en EHBO-koffer BHV. Het verschil hiertussen is klein.

Hoeveel EHBO-koffers heb je nodig?

Hoeveel EHBO-koffers er nodig zijn, is afhankelijk van onder andere van de grootte van uw bedrijf. Er zijn 2 belangrijke zaken om in gedachten te houden:

  • Elke unit heeft een eigen EHBO-koffer nodig.
  • Een stelregel vanuit het Oranje Kruis is dat binnen binnen 30 seconden de EHBO-koffer beschikbaar moet zijn.

Definitie ‘unit’:

  • Aparte gebouwen of verschillende verdiepingen kunnen gelden als verschillende units.
  • Ook een apart kantoor, werkplaats, gymzaal, keuken en voertuigen, zijn aparte ‘units’.
  • Binnen een ‘unit’ met afwijkende risico’s dient de EHBO-koffer bereikbaar te zijn en afgestemd zijn op de aanwezige risico’s.

Het advies is om per unit 1 EHBO-koffer duidelijk zichtbaar te plaatsen. Met daarboven het bijbehorende pictogram.

Hoeveel personen bevinden zich in 1 unit?

  • Meer dan 25 personen in 1 unit? > EHBO-koffer A
  • Minder dan 25 personen in 1 unit? > EHBO-koffer BHV – kleiner en minder artikelen.

De eerste EHBO-koffer (wanneer er meerdere nodig zijn) is altijd een A-koffer. Een zogenoemde A-koffer wordt vaak op een centrale plek, bij de receptie, hoofdingang of bij de conciërge opgehangen daarnaast kan de eventueel aanwezige AED ook opgehangen worden. Indien er meerdere EHBO-koffers nodig zijn dan kunnen de overige EHBO-koffers BHV-koffers zijn.

Het verschil tussen de EHBO-koffers A en BHV

Voor kleine locatie met maximaal 25 personen is een BHV-koffer de beste optie. Deze is net iets kleiner dan EHBO-koffer A, maar biedt wel een compleet assortiment aan waarmee BHV’ers de meeste ongelukjes probleemloos kunnen behandelen.

EHBO-koffer A bevat simpelweg meer van dezelfde producten, zoals desinfectant, mitella’s, verbanden en gaasjes, en is geschikt voor een grotere locatie met meer aanwezigen.

Onderhoud EHBO-koffer

Het is ook erg belangrijk dat je deze koffers minstens één keer per jaar:

  • inspecteert,
  • aanvult,
  • de houdbaarheidsdatum van de artikelen controleert,
  • en helemaal schoonmaakt.

Dit onderhoud kan en mag je zelf doen. Met stickers kun je het onderhoud aangeven.

Met een zegel verzeker je jezelf ervan dat de inhoud van de EHBO-koffer altijd compleet en direct inzetbaar is.

De persoon die binnen de organisatie verantwoordelijk is voor de EHBO-koffers zoals bijvoorbeeld je conciërge of ploegleider BHV, kan direct in 1 oogopslag zien of de koffer gereed is. Zo hoeft niet elk artikel gecontroleerd te worden en bijbesteld te worden wanneer er geen zegel meer aanwezig is.

Incidenten

Een bijkomend voordeel is dat wanneer de EHBO-koffer wordt ingezet en de zegel wordt verbroken dit een direct signaal kan zijn om een incidentmelding te doen. Wanneer er een kleine verwonding is die middels een pleister te verhelpen is dan kan men de pleisterdispencer gebruiken en blijft de koffer inzet gereed. Wanneer de pleister alleen voldoende is dan is doorgaans een incidentmelding ook niet nodig.

Het advies is dan ook om de pleisterdispencer(s) in de nabijheid van de EHBO-koffer op te hangen.

Buiten activiteiten

Als er buiten activiteiten, bedrijfsuitjes, of andere activiteiten die niet op de werklocatie worden bijgewoond, dan moet ook hier een EHBO-middelen aanwezig zijn.

Het is dan niet toegestaan dat de EHBO-koffer van de muur wordt meegenomen. Een optie is om met de betreffende locatie waar men naar toe gaat af te spreken dat zij deze middelen verzorgen. Dit leg je o.a. vast in de overeenkomst met deze betreffende locatie. Wanneer dit niet kan, ben jij zelf verantwoordelijk voor het meebrengen van deze middelen. Dit kan ook doormiddel van een draagbare EHBO-tas met schouderband zoals op de afbeelding staat afgebeeld. Deze tas heeft dezelfde vulling als een BHV-koffer.

In de RI&E kan worden opgenomen hoeveel EHBO-trommels er aanwezig moeten zijn. De preventiemedewerker of onze preventiedeskundige/ Arbocoördinator, middelbaar veiligheidskundige kunnen hierin ondersteunen.

Sticker EHBO-Koffer
Zegel EHBO-koffer
pleisterdispencer
EHBO tas

Ontdek het Onderscheidende Verschil tussen een MVK en een HVK inclusief de 2 grote voordelen

Het verschil tussen een MVK en HVK

Veiligheid op de werkplek is van cruciaal belang voor organisaties in alle sectoren en voor de gezondheid en het welzijn van werknemers. Om deze veiligheid te waarborgen, vertrouwen bedrijven op deskundige veiligheidsprofessionals. Twee veelvoorkomende functietitels binnen dit vakgebied zijn Hogere Veiligheidskundige (HVK) en Middelbare Veiligheidskundige (MVK). In deze blog zullen we je inzicht bieden in wat deze MVK en HVK professionals doen en wat het verschil tussen hen is.

Wat is een HVK?

Een Hogere Veiligheidskundige (HVK) is een hooggekwalificeerde professional op het gebied van veiligheid en gezondheid op het werk. Ze hebben meestal een hogere opleiding, zoals een hbo- of universitaire graad, waardoor ze diepgaande kennis en expertise hebben. HVK’s hebben een leidinggevende en adviserende rol in organisaties en spelen een cruciale rol bij het waarborgen van een veilige werkomgeving.

Verantwoordelijkheden van een HVK:

  • Ontwikkelen van Veiligheidsbeleid: HVK’s zijn betrokken bij het opstellen en implementeren van veiligheidsbeleid binnen een organisatie. Ze ontwikkelen strategieën om de veiligheidscultuur te bevorderen en te verbeteren.

  • Risicoanalyse: Ze voeren uitgebreide risicoanalyses uit om potentiële gevaren te identificeren en te evalueren, en stellen plannen op om deze risico’s te beheersen.

  • Coördinatie van Veiligheidstrainingen: HVK’s organiseren en geven veiligheidstrainingen aan werknemers om hen bewust te maken van de risico’s op de werkplek en hoe ze zichzelf kunnen beschermen.

  • Beheer van Veiligheidsprogramma’s: Ze zijn verantwoordelijk voor het beheren van veiligheidsprogramma’s op organisatieniveau en zorgen ervoor dat deze programma’s effectief worden uitgevoerd.

Wat is een MVK?

Een Middelbare Veiligheidskundige (MVK) is ook een deskundige in veiligheid en gezondheid op het werk, maar hun opleidingsniveau ligt iets lager dan dat van HVK’s. MVK’s hebben meestal een middelbare beroepsopleiding op dit gebied. Ze hebben een meer operationele rol in de organisatie en bieden directe ondersteuning aan medewerkers en managers om de veiligheid op de werkvloer te waarborgen.

Verantwoordelijkheden van een MVK:

  • Risicoanalyse: MVK’s voeren risicoanalyses uit en stellen veiligheidsprocedures op om ervoor te zorgen dat werknemers veilig kunnen werken.

  • Toezicht op Veiligheid: Ze houden toezicht op de naleving van veiligheidsvoorschriften en nemen corrigerende maatregelen indien nodig.

  • Ondersteuning van Medewerkers: MVK’s bieden directe ondersteuning en advies aan werknemers met betrekking tot veiligheid op de werkplek.

In conclusie, zowel HVK’s en de MVK’s spelen een essentiële rol bij het waarborgen van veiligheid en gezondheid op de werkplek, maar hun opleidingsniveau en verantwoordelijkheden variëren. Samen vormen ze een team dat organisaties helpt om een veilige werkomgeving te creëren en te behouden, waar werknemers kunnen gedijen zonder onnodige risico’s. Het is van vitaal belang dat organisaties beide niveaus van deskundigheid inzetten om de veiligheid van hun werknemers te waarborgen.

De grote meerwaarde van een Externe Veiligheidskundige voor Uw Organisatie

Objectieve Beoordeling

Een externe veiligheidskundige in de vorm van een MVK en HVK brengt een frisse en objectieve kijk op de veiligheidsaspecten binnen uw organisatie. Omdat ze geen direct belang hebben bij de interne processen, kunnen ze onpartijdig de veiligheidsrisico’s evalueren en verbeteringen voorstellen zonder beïnvloed te worden door interne politiek of belangenconflicten.

Kostenbesparing

Hoewel het inhuren van een MVK en HVK als een externe veiligheidskundige kosten met zich meebrengt, kan het op de lange termijn kostenbesparend zijn. Ze kunnen u helpen om risico’s te identificeren en te beheersen, wat kan leiden tot minder ongevallen, lagere verzekeringspremies en het voorkomen van boetes als gevolg van niet-naleving van de regelgeving.

De MVK en HVK geven u bovendien advies over bovenstaande onderwepen en denken met u mee over het inrichten van een veilige en gezonde werkplek. Onze Deskundige medewerkers kunnen uw KAM-/ Preventiemedewerker adviseren over het leveren van maatwerk. Bent u geïnteresseerd in een van onze diensten of wilt u meer informatie ontvangen over de mogelijkheden die Brogaal onder andere kan bieden? Dan lichten wij dit graag toe tijdens een vrijblijvend gesprek. U kunt ons bereiken op info@brogaal.com evenals via telefoonnummer: 033-4614303.

Brandveiligheid in Transitie: Een vergelijking tussen het Bouwbesluit 2012 en de Nieuwe Omgevingswet

In Nederland heeft brandveiligheid altijd een prominente rol gespeeld bij het ontwerpen, bouwen en gebruiken van gebouwen. Het Bouwbesluit 2012 was lange tijd het referentiekader voor technische voorschriften op het gebied van brandveiligheid. Echter, met de invoering van de nieuwe Omgevingswet op 1 januari 2024, zijn er belangrijke veranderingen doorgevoerd die van invloed zijn op hoe we brandveiligheid benaderen. In deze blogpost zullen we de belangrijkste verschillen tussen het Bouwbesluit 2012 en de nieuwe Omgevingswet met betrekking tot brandveiligheid onderzoeken.

Een Intergrale Benadering:

Een van de meest significante verschillen tussen het Bouwbesluit 2012 en de nieuwe Omgevingswet is de benadering van brandveiligheid. Het Bouwbesluit 2012 is een technische regelgeving die specifieke eisen stelt aan gebouwen en hun brandveiligheidsvoorzieningen. De nadruk ligt hierbij voornamelijk op het voldoen aan technische prestatie-eisen, zoals de brandwerendheid van constructies, de capaciteit van vluchtroutes en het installeren van brandmeld- en ontruimingsinstallaties.

omgevingswet

Omgevingsplannen en Lokaal Maatwerk:

Een ander belangrijk verschil is dat de nieuwe Omgevingswet gemeenten meer verantwoordelijkheid geeft bij het opstellen van omgevingsplannen. In deze plannen kunnen specifieke eisen en maatregelen op het gebied van brandveiligheid worden opgenomen, rekening houdend met lokale omstandigheden en behoeften. Dit biedt gemeenten de mogelijkheid om maatwerkoplossingen te creëren die beter aansluiten bij de specifieke situatie in hun gebied.

Door lokale afwegingen en maatwerk toe te passen, kunnen gemeenten brandveiligheidsmaatregelen op een efficiëntere en effectievere manier implementeren. Het maakt het mogelijk om flexibeler in te spelen op de behoeften van verschillende typen gebouwen, zoals historische panden, zorginstellingen of industriële complexen, waar specifieke brandveiligheidseisen noodzakelijk kunnen zijn.

Participatie van Belanghebbenden:

Een ander opvallend verschil is de nadruk op participatie van belanghebbenden bij het opstellen van omgevingsplannen. De nieuwe Omgevingswet stimuleert een meer inclusieve besluitvorming, waarbij burgers, bedrijven en organisaties worden betrokken bij het maken van keuzes over hun leefomgeving. Dit geldt ook voor brandveiligheidskwesties, waarbij bewoners, werknemers en gebruikers van gebouwen een stem krijgen in het creëren van een veilige omgeving.

Door participatie kunnen belanghebbenden hun inzichten en ervaringen delen, waardoor brandveiligheidsmaatregelen beter kunnen worden afgestemd op de behoeften en wensen van de gebruikers. Dit vergroot het draagvlak voor brandveiligheidsbeleid en kan leiden tot een grotere betrokkenheid bij het naleven van de voorschriften.

Flexibiliteit en Innovatie:

Een ander belangrijk aspect van de nieuwe Omgevingswet is de nadruk op flexibiliteit en ruimte voor innovatie. Het Bouwbesluit 2012 hanteert veelal strikte en gedetailleerde technische eisen, wat soms kan leiden tot belemmeringen voor innovatieve oplossingen op het gebied van brandveiligheid.

Met de introductie van de Omgevingswet kunnen gebouweigenaren, architecten en ingenieurs meer ruimte benutten voor het toepassen van innovatieve en duurzame brandveiligheidsmaatregelen. Dit kan bijvoorbeeld betrekking hebben op het gebruik van nieuwe materialen met verbeterde brandwerende eigenschappen, het implementeren van slimme branddetectiesystemen of het ontwerpen van gebouwconfiguraties die de brandveiligheid optimaliseren.

Conclusie over de nieuwe omgevingswet:

De nieuwe Omgevingswet markeert een verschuiving in de benadering van brandveiligheid van strikte technische regelgeving naar een meer integrale, flexibele en participatieve aanpak. De wet biedt gemeenten en belanghebbenden de kans om brandveiligheid aan te passen aan lokale behoeften, gebruik te maken van innovatieve oplossingen en te streven naar een veiligere leefomgeving voor iedereen. Het is van cruciaal belang dat alle betrokken partijen zich bewust zijn van deze veranderingen en samenwerken om een brandveilige omgeving te creëren die voldoet aan de eisen van de nieuwe Omgevingswet.

De Controleur Brandpreventie van Brogaal?

De Controleur van Brogaal geeft u een onafhankelijk advies over de huidige staat van uw pand of panden. Onze controleurs hebben dezelfde opleiding genoten als de controleur brandpreventie die werkzaam is bij de preventieafdeling van de Brandweer. Het voordeel voor u is dat er met dezelfde blik wordt gekeken als door de brandweer collega’s. Echter zonder dat er aan dit advies een verplichting zit om het binnen de door de gemeente gestelde termijnen op te lossen. 

Wanneer u dit wenst kan de vragenlijst worden uitgebreid met de vragen uit onze Veiligheidsscan. Op deze manier krijgt u een nog completer beeld van uw locatie, zowel op het gebied van brand als op het gebied van Arbeidsveiligheid. Onze controleurs hebben namelijk ook een veiligheidskundige opleiding gevolgd.

omgevingswet