Zoeken

Als niet iedereen kan vluchten: noodsituaties met beperkte mobiliteit

In een ziekenhuis is iedereen kwetsbaar als het misgaat. Maar patiënten die niet zelfstandig kunnen lopen, zitten in een rolstoel, liggen in een bed of aan een infuus zitten, vormen echt een extra uitdaging tijdens een noodsituatie.

Waarom beperkte mobiliteit anders is

Bij een gewone ontruiming denk je al snel aan lopen naar de uitgang. In een ziekenhuis werkt dat niet zo simpel. Veel patiënten kunnen niet zelfstandig bewegen. Dat betekent dat medewerkers moeten helpen met verplaatsen, vaak met speciale hulpmiddelen en slimme routes. Onderzoek laat zien dat juist mensen met beperkte mobiliteit meer tijd en aandacht nodig hebben tijdens evacuaties, omdat zij bijvoorbeeld meer ruimte innemen en niet snel kunnen lopen zoals anderen.

Evacuatieplanning vraagt om maatwerk

Zorginstellingen moeten rekening houden met verschillende groepen patiënten: sommigen kunnen lopen, anderen hebben een rolstoel nodig of een bed met apparatuur zoals infuusmaterialen of zuurstof. Dit vraagt om een duidelijke planning van routes, hulpmiddelen en teams om te helpen. Zonder goede voorbereiding kan dit leiden tot vertraging en stress op het moment dat het echt nodig is.

Rollen van zorgmedewerkers en hulpmiddelen

Wie begeleidt een patiënt uit bed? Wie zorgt dat infuus en zuurstof veilig meegaan? En wie assisteert iemand in een rolstoel? Het gebruik van evacuatiehulpmiddelen zoals speciale stoelen of matten kan helpen om mensen veilig en comfortabel te verplaatsen. Dit soort scenario’s kun je perfect nabootsen met tabletopoefeningen.

Oefenen maakt echt verschil

Door dit soort situaties regelmatig te bespreken en te oefenen – bijvoorbeeld met een tabletopset – weet je team beter wat te doen als het écht misgaat. Je ontdekt knelpunten in routes, je oefent rollen en je maakt afspraken over wie welke taak pakt. Dat geeft niet alleen structuur, maar ook rust als het spannend wordt.

Een magazijn veilig ontruimen doe je zo

Alarm gaat af, iedereen loopt naar buiten. Klaar. Maar in de praktijk werkt het ontruimen van een magazijn anders. Heftrucks rijden door, pallets blokkeren routes, mensen twijfelen. Een veilige ontruiming begint dus lang vóór de noodsituatie.

Bewustzijn is je sterkste wapen

Hoe beter medewerkers begrijpen wat er van hen wordt verwacht, hoe rustiger een ontruiming verloopt. Een paar basiszaken moeten altijd helder zijn:

  • waar de nooduitgangen zijn;
  • dat looproutes, EHBO-middelen en blusmiddelen vrij moeten blijven;
  • hoe en waar je onveilige situaties meldt.

Nieuwe collega’s hebben vaak geen idee hoe het pand in elkaar zit. Ervaren medewerkers zien soms niet meer wat onveilig is. Door veiligheid regelmatig bespreekbaar te maken, houd je iedereen scherp.

Opleiden en herhalen

Incidenten ontstaan meestal door menselijk gedrag. Dat kun je niet voorkomen, maar wel beter maken met training. Medewerkers die weten wat veilig is, handelen ook veiliger. Dat begint bij certificaten voor voertuigen, maar geldt net zo goed voor BHV’ers die hun rol moeten kennen.

Herhalen is belangrijk. In noodsituaties doen mensen vooral wat ze geoefend hebben, niet wat er in een map staat. Oefen een noodsituatie met de tabletop sets van Brogaal. Gewoon op tafel, zonder de dagelijkse werkzaamheden in een magazijn te verstoren.

Een magazijn dat zichzelf uitlegt

In een magazijn is altijd beweging. Juist daarom moet de omgeving logisch zijn ingericht. Denk aan duidelijke markeringen op de vloer, gescheiden zones voor voetgangers en voertuigen en herkenbare pictogrammen.

In elk magazijn zijn mensen die extra hulp nodig hebben. Soms omdat ze het pand niet goed kennen, soms vanwege een beperking of omdat hun werkplek lastig bereikbaar is. Maak vooraf afspraken over begeleiding en zorg dat hulpmiddelen klaarstaan als dat nodig is.

Een BHV-organisatie die klopt

De Arbowet verplicht elke werkgever om BHV goed te regelen. In een magazijn gaat dat verder dan “een paar BHV’ers per ploeg”. De risico’s zijn hoger en de samenstelling van teams wisselt sneller. Een solide BHV-organisatie heeft in elk geval:

  • een actuele RI&E met duidelijke risico’s;
  • genoeg BHV’ers per ploeg én herkenbare rollen;
  • zichtbare BHV’ers op de vloer;
  • een ontruimingsplan dat iedereen kent.

Zo blijft de basis stevig, ook als teams veranderen.

Je voorzieningen moeten kloppen

Een ontruiming staat of valt met goede voorzieningen. Denk aan rookmelders, blusmiddelen, duidelijke vluchtrouteaanduiding en een werkende brandmeldinstallatie. Maar ook aan informatie die medewerkers direct begrijpen:

  • hoe meld je een incident?
  • wie alarmeert wie?
  • waar verzamel je?
  • hoe verloopt de communicatie met de BHV?

Goede voorzieningen werken alleen als mensen weten wat ze ermee moeten.

Oefenen is geen formaliteit

Een ontruiming is mensenwerk. Dat betekent dat je moet oefenen om het soepel te laten verlopen. Daar komt de kracht van tabletop-oefeningen in beeld. Met de Brogaal tabletop sets Magazijn en Magazijn Compleet breng je het hele magazijn tot leven op een plattegrond. Je simuleert een realistische situatie met stellingen, heftrucks, medewerkers en vuurelementen.

De impact? Je ziet direct waar het misgaat:

  • routes die niet logisch lopen;
  • rolverdelingen die onduidelijk zijn;
  • blokkades die je in het echt nooit had gezien;
  • gedrag dat afwijkt zodra er druk ontstaat.

Zo oefen je sneller, slimmer en zonder het hele bedrijf stil te leggen. Elke sessie levert inzichten op die je dezelfde dag nog kunt verwerken. En precies dát maakt tabletop-oefeningen een van de krachtigste manieren om je magazijn echt veiliger te maken.

Een ontruimingsoefening en de gevaren ervan

Een ontruimingsoefening klinkt simpel: brandalarm, iedereen naar buiten, klaar. Maar wie ooit een echte oefening heeft meegemaakt, weet dat er veel meer bij komt kijken. Zeker in gebouwen waar mensen minder mobiel zijn, of waar machines, kasten en dozen de looproutes blokkeren.

Denk verder dan de uitgang

Een goed begin is het in kaart brengen van alle obstakels. Denk aan volle gangen, palletwagens, wasmachines, printers of containers die in de weg staan. In de dagelijkse praktijk valt het vaak niet op, maar tijdens een noodsituatie kunnen dit serieuze knelpunten worden.

Loop samen met je ploegleider en BHV’ers de route eens na: waar kom je iets tegen dat vertraging oplevert? Waar kun je struikelen? En waar kunnen mensen met een rolstoel of rollator niet goed langs?

Niet iedereen kan rennen

In een kantoorpand lukt het meestal wel om iedereen vlot naar buiten te krijgen. Maar in een verzorgingshuis of kinderdagverblijf ligt dat anders. Sommige mensen hebben hulp nodig bij het verlaten van het gebouw. Denk aan bedlegerige bewoners, kinderen of bezoekers die in paniek raken.

Daarom is het slim om in je oefening ook slachtoffers of moeilijk bereikbare personen mee te nemen. Wie zorgt er voor hen? Waar worden ze opgevangen? En hoe communiceer je dat met de EHBO’er of ploegleider?

Realistisch oefenen zonder het pand plat te leggen

Je hoeft niet altijd het hele gebouw te ontruimen om goed te kunnen oefenen. Een klein scenario kan al veel opleveren. Stel bijvoorbeeld een brandhaard bij de cv-installatie of het fornuis voor, en laat de BHV’ers beslissen welke route ze nemen en wie welke taak heeft.

Zo kun je ook oefenen met het brandmeldpaneel, het gebruik van blusmiddelen en de afstemming tussen de ploegleider, EHBO’ers en overige medewerkers. Het gaat niet alleen om snelheid, maar ook om samenwerking en communicatie.

Leer van elk scenario

Elke oefening laat verbeterpunten zien. Misschien stond er iets in de weg bij de nooddeur, werkte de blusser niet goed, of wist iemand niet wie de leiding had. Leg die bevindingen vast, bespreek ze met het team en pas je plan aan.

Hoe realistischer de oefening, hoe beter je weet wat er echt speelt in je gebouw. En daar draait het uiteindelijk om: zorgen dat iedereen weet wat te doen, ook als het even niet volgens plan loopt.

Wat als de liften uitvallen tijdens een noodsituatie? 

Zorg dat je weet wat je dan moet doen. Zeker als er mensen zijn die niet zelf de trap af kunnen. 

Bij een noodsituatie telt elke seconde. En als de liften niet meer werken, kan dat de situatie flink ingewikkeld maken. Denk aan brand, stroomuitval of een ander incident waarbij mensen het pand zo snel mogelijk moeten verlaten. Zonder werkende lift moeten alle personen naar beneden via de trap. Maar wat als iemand dat niet zelfstandig kan? 

In dit artikel zetten we de belangrijkste maatregelen op een rij. Van het in kaart brengen van hulpbehoevenden tot het oefenen met Sleepmatrassen en/of Evacchairs,en communicatie met hulpdiensten. 

Liften en evacuatie: geen vanzelfsprekende combinatie 

In de meeste gebouwen worden liften tijdens een incident automatisch uitgeschakeld en naar de begane grond gestuurd. Dat is niet voor niets: bij brand kan een lift onveilig worden door rookontwikkeling, kortsluiting of storingen in de besturing. Daarom mag je er nooit vanuit gaan dat een lift beschikbaar is tijdens een ontruiming. 

Maar wat betekent dat voor mensen die een rolstoel gebruiken? Of voor iemand met een gebroken been? Of een dame die zwanger is? Als er geen plan klaarligt voor deze groep, kunnen ze vast komen te zitten. Daarom is het belangrijk om dit vooraf goed te regelen. 

Weet wie er hulp nodig heeft 

De eerste stap: breng in kaart wie er mogelijk hulp nodig heeft bij een evacuatie zonder lift. Niet iedereen zal uit zichzelf aangeven dat traplopen lastig is. Een open, veilige manier van registreren helpt daarbij. Werk bijvoorbeeld met een vertrouwelijke lijst die beheerd wordt door de Coördinator BHV,  Ploegleider BHV of BHV’er. 

Let op: de samenstelling van een team of gebouw verandert continu. Zorg dus voor regelmatige updates van deze gegevens. 

Zorg voor alternatieve vluchtroutes 

Bij veel gebouwen zijn er meerdere vluchtroutes. Maar welke zijn écht geschikt als je met een Evacchair of sleepmatras moet werken? 

Loop de routes regelmatig na en let op: 

  • Hoeveel trappen er zijn 
  • Of er genoeg ruimte is om te manoeuvreren 
  • Of de route leidt naar een plek waar hulpdiensten makkelijk kunnen komen 

Soms is het nodig om een specifieke route aan te wijzen voor het evacueren van hulpbehoevenden. Leg die route dan ook vast in je noodplan en zorg dat de BHV’ers weten hoe ze moeten handelen. 

Gebruik de juiste hulpmiddelen 

Als iemand niet zelfstandig naar beneden kan, heb je hulpmiddelen nodig. De twee bekendste zijn: 

  • Evacchair: een evacuatiestoel met rupsbanden, waarmee iemand gecontroleerd over trappen omlaag gebracht kan worden. 
  • Sleepmatras (evacuatiematras): een matras waarmee iemand liggend via trappen verplaatst kan worden. 

Deze middelen hebben een vaste plek in een gebouw, bij voorkeur dichtbij de liften of verzamelplekken. Minstens zo belangrijk: mensen moeten weten hoe ze ermee werken. 

Zorg dat BHV’ers of andere aangewezen personen hier training in krijgen. Ongetraind zo’n hulpmiddel gebruiken levert meer risico op dan het voorkomt. 

Video: Zo werkt een evacuatiematras: https://youtu.be/eTsIQCPShbg 
Video: Zo werkt een evacuatiedoek: https://youtu.be/7Y_4wD0inmA 

Oefenen, evalueren, verbeteren 

Een evacuatieplan werkt alleen als mensen weten wat ze moeten doen. Organiseer daarom minstens één keer per jaar een oefening waarin je ook het scenario van een liftstoring meeneemt. 

Laat medewerkers oefenen met: 

  • Het begeleiden van hulpbehoevenden 
  • Het gebruik van Evacchairs of sleepmatrassen 
  • De communicatie met de technische dienst en hulpdiensten 

Na afloop: evalueren. Wat ging goed? Wat kan beter? Pas waar nodig het plan of de procedures aan. 

Stem goed af met technische dienst en hulpdiensten 

Tijdens een echte calamiteit komt alles tegelijk. Een goede samenwerking tussen de interne technische dienst en externe hulpdiensten maakt dan echt verschil. 

Zorg dat zij weten: 

  • Hoe het gebouw is opgebouwd 
  • Waar de nooduitgangen en hulpmiddelen zich bevinden 
  • Wie er mogelijk hulp nodig heeft en waar zij zich kunnen bevinden 

Dit soort info kun je opnemen in het bedrijfsnoodplan of V&G-plan. Zo ligt het vast en weet iedereen wat hij moet doen als de spanning oploopt. 

Samengevat 

Een liftstoring tijdens een noodsituatie is een serieuze uitdaging die je vooraf moet tackelen. Door goed na te denken over wie er hulp nodig heeft, hoe je die mensen veilig naar buiten krijgt en wie daarbij wat moet doen, voorkom je paniek en ongelukken. 

Massaal incident? Zo houd jij het hoofd koel 

Een explosie. Instorting. Vergiftiging. Ineens zijn er meerdere slachtoffers. Paniek dreigt. En jij staat ertussen als BHV’er. Wat doe je? 

1. Zorg eerst voor je eigen veiligheid 

Je wil helpen. Natuurlijk. Maar check eerst of jij veilig bent. Denk aan instortingsgevaar, rook of glas. Pas als jij overeind blijft, kun je iets betekenen voor anderen. Geen heldengedrag. Gewoon slim handelen. 

Veiligheid eerst. Altijd. 

2. Maak een snelle inschatting 

Loop snel langs de slachtoffers. Wie ademt niet meer? Wie bloedt ernstig? En wie is aanspreekbaar, maar in paniek? Dit moment is cruciaal. Je doet een snelle triage: inschatten wie als eerste hulp nodig heeft. 

Dat vraagt lef. En overzicht. Jij bepaalt wie je eerst helpt – en dat is soms niet degene die het hardst roept. Bepaal wie: 

  • Niet ademt of bewusteloos is 
  • Ernstig bloedt of hulp nodig heeft 
  • In paniek is, maar stabiel 

Triage noemen we dat. Jij bepaalt wie als eerste hulp krijgt. 

3. Roep hulp in en verdeel de taken 

Bel 112 of laat iemand anders dat doen. Wijs collega’s aan: “Jij bij de voordeur, jij bij de uitgang, jij helpt hier.” Eén persoon per taak. Kort, duidelijk. Geen twijfel. Massaal incident = teamwork. En dat begint bij communicatie. 

Spreek af wie: 

  • Eerste hulp verleent 
  • De toegang vrijhoudt voor hulpdiensten 
  • Getuigen opvangt of geruststelt 

Iedereen krijgt één duidelijke taak. 

4. Begin met eerste hulp 

Reanimeren. Bloed stelpen. Stabiele zijligging. Je hoeft geen arts te zijn maar je moet, wél weten wat je moet doen. Gebruik je BHV-kennis en doe wat je kunt. 

Houd ondertussen contact: met elkaar, met slachtoffers, met de meldkamer. En als de hulpdiensten arriveren, geef je kort en helder door wat er speelt. 

Start bij wie het er het slechtst aan toe is. Denk aan: 

  • Reanimatie bij geen ademhaling 
  • Druk uitoefenen bij hevig bloedverlies 
  • Stabiele zijligging bij bewusteloosheid 

Doe wat je weet. Elk beetje helpt. 

5. Blijf communiceren 

Vertel wat je doet. Houd het team op de hoogte. En als de hulpdiensten arriveren: geef een korte, duidelijke briefing. Wat is er gebeurd? Wat heb je gedaan? Wie liggen waar? 

Oefen dit

Zo’n situatie wil je nooit meemaken. Maar áls het gebeurt, moet je klaar zijn. 
In zo’n situatie heb je geen tijd om te twijfelen. Door te oefenen met scenario’s waarin meerdere slachtoffers vallen, bouw je ervaring op. Je traint je hoofd én je handen. 

Want het verschil maak je in die eerste minuten. 

Blog: Het ontruimingsplan

Het ontruimingsplan is een onmisbare schakel in het bedrijf. Tijdens mijn werkzaamheden ben ik op veel verschillende locaties geweest van verzorgingstehuizen, kinderdagverblijven, kantoren met woonfunctie erboven en van bedrijfsverzamelgebouwen naar scholen en fabrieken. En over het algemeen viel mij op dat er altijd wel een gemotiveerde BHV ploeg aanwezig was, maar dat het ontruimingsplan al meerdere jaren niet meer was geactualiseerd. In de Arbowet staat geschreven dat de werkgever moet zorgdragen voor een zo goed mogelijk en actueel ontruimingsplan. Twijfelt u of uw ontruimingsplan voldoet aan de gestelde normen en of deze nog wel actueel is neem dan vrijblijvend contact met ons op en wij bespreken dan graag de mogelijkheden die wij u kunnen bieden om voor u een goed en actueel ontruimingsplan te maken.  

Waarom moet u een ontruimingsplan hebben

Wanneer er een brandmeldinstallatie (verplicht) aanwezig is in het pand. Dan is een ontruimingsplan ook verplicht. Dit ontruimingsplan kan dan ook worden gemaakt conform de NEN 8112. 

In dit plan staan een aantal zaken omschreven. Denk hierbij aan de aanwezige (rest)risico’s binnen en buiten het pand, maar ook aan de gemaakte afspraken m.b.t. ontruiming van de locatie. Waar gaat u bijvoorbeeld naar toe tijdens de ontruiming. En wat als de wind naar de verzamelplaats staat waar gaat u dan heen, of het is -10 buiten. Belangrijk is dat het plan is geschreven voor uw locatie. Het belangrijkste is dan het ontruimingsplan maatwerk is. Wij van Brogaal hebben ruime ervaring met het schrijven van maatwerk ontruimingsplannen. 

Het Ontruimingsplan en het BHV-plan zijn plannen die door ons voor uw organisatie geschreven kunnen worden. 

U als werkgever, of de Coördinator Hoofd BHV’er, kan door Brogaal deze plannen op een juiste wijze laten schrijven of combineren om zo een toekomstbestendig BHV-plan te hebben. Kortom, u levert ons alle gegevens aan en wij schrijven voor u een Ontruimingsplan en/of een BHV-plan. 

Heeft de organisatie nu meerdere locaties, dan is dit voor ons ook geen probleem. Wij zijn namelijk van mening dat verschillende locaties van de organisatie van elkaar kunnen leren en gebruik kunnen maken van elkaar kennis en krachten. 

Daarom kan er ook voor worden besloten om één BHV-beleidsplan en meerdere BHV-locatieplan te schrijven.

De reden van deze werkwijze is dat er minder diversiteit in de organisatie is als het gaat om BHV gerelateerde afspraken. Deze werkwijze laat toe dat er in het beleidsdocument alle algemene afspraken, functieomschrijvingen en andere algemene zaken kunnen worden opgenomen. 

In het locatie specifieke plan worden de specifieke maatwerk afspraken en bijzonderheden van de desbetreffende locatie beschreven (restrisico’s). Omdat er op deze wijze beter maatwerk geleverd kan worden, kan het ook makkelijker centraal beheerd worden. 

Welke hoofdstukken moeten minimaal zijn opgenomen in het ontruimingsplan.

Welke hoofdstukken zitten er minimaal in:

  • Inleiding en/of toelichting
  • Tekeningen (per verdieping)
  • Gebouw-, installatie- en organisatiegegevens
  • Alarmeringsprocedure intern en extern
  • Stroomschema alarmering, zoals hiernaast afgebeeld
  • Ontruimingsorganisatie en wijze van ontruimen
  • Taken bij een ontruiming of een ontruimingsalarm
  • Ontruimingsplattegronden
  • Logboek ontruimingsplan

Ontruimingsplan en BHV-plan wat is het verschil?

In de praktijk zie je vaak dat deze termen door elkaar heen gebruikt worden omdat er geen landelijke afspraken over zijn gemaakt.

In een BHV-plan kunnen namelijk dezelfde onderwerpen zijn opgenomen die ook in het Ontruimingsplan staan. Daarnaast zie ik dit plan ook vaak in kleinere organisaties wordt gebruikt. In de Arbowet staat opgenomen dat elke organisatie groot of klein minimaal moet voldoen aan de volgende verplichting:

  • Het verlenen van Eerste Hulpverlenen Bij Ongevallen
  • De brandbestrijding
  • En de evacuatie van werknemers en andere personen
  • En doeltreffende verbindingen worden onderhouden met de desbetreffende externe hulpverleningsorganisaties
Vaak zijn er ook nog CAO-/ brancherichtlijnen die moeten worden opgevolgd aanvullend op de bovenstaande wettelijke punten. 
Wij kunnen u hiermee ontlasten met onze deskundige medewerkers. 

De BHV moet zodanig worden georganiseerd dat:

  • Het aantal werknemers met een BHV-taak voldoende is en dat zij beschikken over
    • Een adequate opleiding
    • Voldoende maatwerk oefeningen 
    • De juiste middelen om hun taak veilig te kunnen uitvoeren 
    • Voldoende voorzieningen aanwezig zijn om hun taak veilig en efficient uit te kunnen voeren
    • En een goed ingerichte BHV-organisatie
  • De aanwezigheid en beschikbaarheid van BHV’ers is gewaarborgd.
  • De BHV binnen de afgesproken tijd bij een incident aanwezig is.
  • De hulp doorgaat, totdat professionele hulpverleningsorganisaties de hulp overnemen.
  • De afstemming met de professionele hulpverleningsdiensten goed geregeld is.
  • Met organisaties in hetzelfde gebouw of in de omgeving afspraken zijn gemaakt over de BHV en dat deze afspraken op schrift staan.

Wat Kan Brogaal voor u betekenen

Het Ontruimingsplan en het BHV-plan zijn plannen die door ons voor uw organisatie geschreven kunnen worden. 

U als werkgever, of de Coördinator Hoofd BHV’er, kan door Brogaal deze plannen op een juiste wijze laten schrijven of combineren om zo een toekomstbestendig BHV-plan te hebben. Kortom, u levert ons alle gegevens aan en wij schrijven voor u een Ontruimingsplan en/of een BHV-plan. 

Heeft de organisatie nu meerdere locaties, dan is dit voor ons ook geen probleem. Wij zijn namelijk van mening dat verschillende locaties van de organisatie van elkaar kunnen leren en gebruik kunnen maken van elkaar kennis en krachten. 

Daarom kan er ook voor worden besloten om één BHV-beleidsplan en meerdere BHV-locatieplan te schrijven.

De reden van deze werkwijze is dat er minder diversiteit in de organisatie is als het gaat om BHV gerelateerde afspraken. Deze werkwijze laat toe dat er in het beleidsdocument alle algemene afspraken, functieomschrijvingen en andere algemene zaken kunnen worden opgenomen. 

In het locatie specifieke plan worden de specifieke maatwerk afspraken en bijzonderheden van de desbetreffende locatie beschreven (restrisico’s). Omdat er op deze wijze beter maatwerk geleverd kan worden, kan het ook makkelijker centraal beheerd worden. 

Ontruimingsplan

Heeft u interesse in een BHV beleidsplan neem dan eenvoudig contact met ons op via 033-4614303 of mail naar info@brogaal.com. Wij helpen u graag verder.